Meer dan 2 miljoen bedienden zullen op 13 juni naar de stembus trekken.
Van hen zijn ongeveer 6 op 10 aangesloten bij een van onze organisaties,
waardoor het democratisch verantwoord is dat wij hun belangen verdedigen, en de
plicht hebben om over hun rechten te waken.
Het bediendestatuut – en vooral de opzeggingstermijnen – staat hierin centraal.
De officiële standpunten van de partijen over dit onderwerp blijven echter vaag
en vatbaar voor interpretatie : daarom hebben wij hen 3 specifieke vragen
gesteld, met de belofte dat we onze leden zouden inlichten.
|
|
Onze
vragen |
Onze prioriteiten |
|
1 Gaat u akkoord dat het wegwerken van de verschillen tussen het
arbeiders- en bediendestatuut niet kan gebeuren door het afbouwen van de rechten
van de bedienden (en meer specifiek de opzeggingstermijnen), maar integendeel
door meer rechten toe te kennen aan de arbeiders? |
De opzeggingstermijn van de bedienden is niet « te lang »: meestal gaat het om
periodes van 6 tot 9 maanden. Deze opzegtermijn is belangrijk: de werknemer
krijgt zo de tijd om zijn zaken op orde te krijgen als hij zijn C4 krijgt. Het
is bovendien de beste bescherming van de tewerkstelling.
Een goede opzeggingstermijn is dus de enige bescherming van de tewerkstelling en
iedereen heeft er recht op. Daarom zijn we voor een harmonisering van de
statuten naar boven toe. Meer voor de arbeiders betekent niet minder voor de
bedienden.
|
|
2 Vindt u dat de kost voor het wegwerken van de verschillen tussen de 2
statuten (en meer bepaald het optrekken van de opzegtermijnen van de arbeiders)
moet worden gedragen door de werkgevers en niet door de collectiviteit? Net
zoals dat vandaag het geval is, zal het bedrijf dat ontslaat de opzegvergoeding
moeten betalen, en niet de sociale zekerheid. |
In de paniek rond de crisis werden “crisispremies” ingevoerd die door de RVA
werden betaald. Dit zette de werkgevers aan het dromen dat een deel van de
toekomstige opzeggingstermijnen door de sociale zekerheid zou moeten worden
betaald. Dit is een rampscenario : enerzijds omdat dit de sociale zekerheid
miljoenen euro’s zou kosten (om « de ontslagen te subsidiëren » met uw geld!) ;
anderzijds omdat dit evenzeer het ontradend effect van het ontslag zou
verminderen.
Voor ons is de regel duidelijk : inzake opzeggingstermijnen is het
diegene die beslist om te ontslaan die moet betalen !
|
|
3 Bent u van mening dat deze discussie in handen moet blijven van de
sociale gesprekspartners, die het terrein kennen en de materie beheersen? |
Wij willen niet dat politici het
resultaat van onze onderhandelingen in neerwaartse zin beïnvloeden. Het is
prioritair dat vakbonden en werkgevers een goed akkoord (een akkoord dat
iedereen een beter statuut verschaft) zoeken. Het is de taak van de politici is
om dit akkoord vervolgens te laten toepassen.
|